ECLI:NL:CRVB:2008:BD3762
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit onjuiste berekening uitkering burger-oorlogsslachtoffer
Appellante, nagelaten echtgenote van een burger-oorlogsslachtoffer, kreeg een periodieke uitkering toegekend. Verweerster stelde bij berekeningsbesluiten terugvorderingen vast wegens teveel betaalde bedragen over 2003, 2005 en 2006. De Raad vernietigde eerdere besluiten over de terugvordering van het bedrag over 2003 omdat verweerster zichzelf in een verwijtbare positie had gebracht.
In het bestreden besluit verklaarde verweerster het bezwaar van appellante niet-ontvankelijk, onder meer omdat geen besluit zou zijn genomen over het terug te vorderen bedrag en omdat de uitkering over 2005 en 2006 niet tot uitbetaling kwam. Appellante maakte bezwaar tegen deze niet-ontvankelijkverklaring en de hoogte van de berekeningen.
De Raad oordeelde dat het teveel betaalde bedrag over 2003 niet teruggevorderd mag worden en dat het bezwaar hierover terecht is. Ook over de jaren 2005 en 2006 was sprake van onjuiste berekeningen, die voldoende belang geven om bezwaar te maken, ook al kwam de uitkering niet tot uitbetaling. De voorlopige aard van de berekening over 2006 doet niet af aan het besluitkarakter.
De Raad verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en herroept het besluit van 31 oktober 2006. Tevens veroordeelde de Raad verweerster tot vergoeding van de proceskosten van appellante en het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het eerdere besluit herroepen, met veroordeling van verweerster in proceskosten.