ECLI:NL:CRVB:2008:BD3974
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Afwijzing erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wegens onvoldoende oorlogsgerelateerd letsel
Appellant, geboren in 1943 in het voormalige Nederlands-Indië, vroeg in 1999 en opnieuw in 2005 om erkenning als burger-oorlogsslachtoffer met een periodieke uitkering op grond van gezondheidsklachten die hij toeschrijft aan oorlogservaringen tijdens de Bersiap-periode. Verweerster wees de aanvragen af omdat onvoldoende is aangetoond dat het oorlogsgeweld heeft geleid tot blijvende invaliditeit.
Appellant verwees in beroep naar medische verklaringen van psychiaters die stelden dat de beschietingen in het kamp Gedoeng Halang een wezenlijke bijdrage hebben geleverd aan zijn psychische klachten. Verweerster bracht een medisch dossieronderzoek in, waaruit bleek dat onvoldoende details over de beschietingen bekend zijn en dat appellant geen eigen herinnering aan de gebeurtenis heeft. Tevens werd vastgesteld dat andere factoren, zoals familiale omstandigheden en algemene oorlogsomstandigheden, een grotere rol spelen.
De Raad concludeerde dat het oorlogsgeweld niet in betekenende mate heeft bijgedragen aan de psychische problematiek en dat de lichamelijke klachten niet oorzakelijk verband houden met het oorlogsgeweld. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de aanvraag tot erkenning als burger-oorlogsslachtoffer wordt gehandhaafd.