ECLI:NL:CRVB:2008:BD4348
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- H.J. de Mooij
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schadevergoeding wegens onregelmatigheden bij AOW-toekenning
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een AOW-uitkering die door de Sociale verzekeringsbank (Svb) werd ontvangen op 17 april 2003. Na meerdere verzoeken om aanvullende informatie, waarop appellant niet tijdig reageerde, ontstond vertraging in de toekenning en uitbetaling van de AOW. De Svb heeft uiteindelijk de uitkering toegekend met ingang van augustus 2003 en betalingen verricht.
Appellant diende een verzoek in tot schadevergoeding wegens vermeende onregelmatigheden bij de toekenning en uitbetaling van zijn AOW-uitkering. De Svb wees dit verzoek af, en de rechtbank bevestigde deze afwijzing. De rechtbank oordeelde dat de vertraging niet aan de Svb kon worden toegerekend, omdat appellant herhaaldelijk verwijtbaar naliet de gevraagde informatie te verstrekken.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank en stelt vast dat de Svb na reactie van appellant voortvarend heeft gehandeld. Tevens is vastgesteld dat appellant geen bezwaar heeft gemaakt tegen het schorsingsbesluit van januari 2004, waardoor dit besluit als rechtmatig wordt beschouwd. Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van het verzoek om schadevergoeding bevestigd.