ECLI:NL:CRVB:2008:BD4517
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit verlaging WAO-uitkering wegens onvoldoende motivering allergische klachten
Appellante maakte bezwaar tegen een door het UWV genomen besluit waarbij haar WAO-uitkering werd verlaagd van 80-100% naar 25-35% arbeidsongeschiktheid. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat de psychische en fysieke beperkingen juist waren vastgesteld en dat appellante geschikt was voor de voorgestelde functies.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV in het bestreden besluit onvoldoende heeft gemotiveerd waarom rekening gehouden moest worden met de allergische klachten van appellante. Pas met het in hoger beroep ingediende rapport van de bezwaararbeidsdeskundige is het besluit van een toereikende motivering voorzien.
Hoewel het besluit wordt vernietigd wegens deze motiveringsgebreken, blijven de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat de aanvullende beperkingen geen gevolgen hebben voor de geschiktheid voor de functies. De Raad veroordeelt het UWV in de proceskosten van appellante voor zowel beroep als hoger beroep en bepaalt dat het griffierecht wordt vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot verlaging van de WAO-uitkering wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.