ECLI:NL:CRVB:2008:BD4732
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.C.M. van Laar
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering op medische en arbeidskundige gronden
Appellante was arbeidsongeschikt wegens rugklachten en ontving een WAO-uitkering. Na een herbeoordeling in 2004 door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige, waarbij functies werden geselecteerd die appellante kon verrichten zonder relevant inkomensverlies, werd haar uitkering ingetrokken per 10 april 2005.
Appellante maakte bezwaar tegen de intrekking, dat ongegrond werd verklaard. De rechtbank vernietigde het besluit op bezwaar, waarna een nieuwe arbeidskundige beoordeling opnieuw concludeerde dat appellante voldoende belastbare functies kon verrichten met minder dan 15% verlies aan verdiencapaciteit.
De Raad oordeelt dat de medische en arbeidskundige onderbouwing zorgvuldig en volledig is en dat de geselecteerde functies passen binnen de belastbaarheid van appellante. Ook de door appellante aangevoerde bezwaren over afwisseling van houdingen en diploma-eisen werden niet gegrond verklaard. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering van appellante wordt bevestigd wegens voldoende medische en arbeidskundige onderbouwing.