ECLI:NL:CRVB:2008:BD6287
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- R.P.T. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAZ-uitkering wegens ontbreken toename medische beperkingen rug
Appellante, die sinds 1997 haar werkzaamheden als meewerkend echtgenote in een kapsalon moest staken vanwege rugklachten, verzocht het Uwv om een herbeoordeling van haar arbeidsongeschiktheid. Het Uwv weigerde een WAZ-uitkering toe te kennen omdat zij minder dan 25% arbeidsongeschikt werd geacht en er geen toename van medische beperkingen was vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat zij volledig arbeidsongeschikt was door chronische pijn, rugproblematiek en depressiviteit, ondersteund door een rapportage van een register arbeidsdeskundige. Het Uwv handhaafde haar standpunt op basis van medische rapportages van verzekeringsartsen en een orthopedisch chirurg.
De Raad concludeerde dat er geen toename van de rugbeperkingen was tussen 1997 en 2002, mede gelet op ongewijzigde MRI-scans en medische verklaringen. De klachten van heup en schouder vielen buiten de WAZ-verzekering. De ingebrachte rapportages boden onvoldoende grond voor een andere beoordeling. Daarom werd het hoger beroep afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAZ-uitkering wegens het ontbreken van een toename van medische beperkingen.