ECLI:NL:CRVB:2008:BD6956
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellante verzocht om een WAO-uitkering, maar het UWV wees dit af omdat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt was na afloop van de wachttijd. Het bezwaar tegen dit besluit werd eveneens ongegrond verklaard door het UWV. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
In hoger beroep stond uitsluitend de juistheid van de vaststelling van de medische beperkingen centraal, weergegeven in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van januari 2007, opgesteld door een bezwaarverzekeringsarts van het UWV. Appellante stelde dat zij zowel lichamelijke als cognitieve en psychische klachten had, ondersteund door neuro-psychiatrische rapporten en verklaringen van diverse behandelaars.
De Raad oordeelde dat het onderzoek van de UWV-artsen zorgvuldig en adequaat was, waarbij rekening was gehouden met fysieke beperkingen en beperkingen in persoonlijk en sociaal functioneren. De subjectieve rapportages van appellante werden minder zwaar gewogen. De Raad zag geen aanleiding voor een urenbeperking of verhoogde rustbehoefte en bevestigde de eerdere uitspraak, waarmee het hoger beroep werd afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid.