ECLI:NL:CRVB:2008:BD7477
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens onduidelijke herkomst en besteding middelen
Appellant ontving vanaf december 2004 bijstand op grond van de WWB. Het College stelde onduidelijkheden vast over stortingen en opnames op zijn bankrekeningen, waarna het recht op bijstand werd opgeschort en later ingetrokken met terugvordering van €5.699,53.
Appellant diende in juli 2005 een nieuwe aanvraag in, die door het College werd afgewezen omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren aangetoond. De rechtbank verklaarde de beroepen tegen de besluiten ongegrond, waarna appellant in hoger beroep ging.
De Raad concludeert dat appellant geen afdoende verklaring gaf voor de hoge banktransacties en pinbetalingen, waaronder onverklaarde opbrengsten van de verkoop van een voertuig. Hierdoor kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld, was de intrekking en terugvordering terecht en mocht de nieuwe aanvraag worden afgewezen.
De Raad bevestigt de eerdere uitspraak en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd en de nieuwe aanvraag wordt afgewezen wegens ontbreken van gewijzigde omstandigheden.