ECLI:NL:CRVB:2008:BD7549
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- P.J. Stolk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging correctienota’s premieberekening ondanks niet-naleving loonopgaveverplichting
Appellant, exploitant van een snackbar te Amsterdam, werd door het UWV onderzocht wegens mogelijke fraude. Het UWV stelde vast dat appellant niet voldeed aan de verplichting om loonopgaven te doen zoals vereist in artikel 10 van Pro de Coördinatiewet Sociale Verzekering (CSV). Op basis van dit onderzoek legde het UWV correctienota's op over de jaren 2001 tot en met 2004.
Appellant maakte bezwaar tegen deze correctienota's, maar het UWV verklaarde deze bezwaren ongegrond. De rechtbank Amsterdam oordeelde dat appellant sinds november 2005 beschikte over het volledige rapport en dat er geen aanwijzingen waren dat getuigenverklaringen onbetrouwbaar waren. De rechtbank stelde vast dat het UWV bevoegd was om de premies ambtshalve vast te stellen bij het niet voldoen aan de loonopgaveverplichting en dat de schatting zorgvuldig was.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn bezwaren, maar de Centrale Raad van Beroep onderschreef de overwegingen van de rechtbank. De Raad benadrukte dat het risico van te hoge premies voor rekening van appellant komt, aangezien hij geen juiste administratie voerde. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak dat het UWV premies ambtshalve mag vaststellen bij niet-naleving van de loonopgaveverplichting door de werkgever.