ECLI:NL:CRVB:2008:BD8178
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- K. Zeilemaker
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging termijnoverschrijding hoger beroep bij intrekking bijstand
Appellante maakte bezwaar tegen de intrekking van haar bijstand per 16 september 2005 en tegen de terugvordering over die periode. Het College verklaarde het bezwaar gegrond en wijzigde de intrekkingsdatum naar 26 oktober 2005, waarbij het advies van de Commissie Bezwaarschriften werd overgenomen.
Appellante stelde in hoger beroep dat het beroep niet te laat was ingediend en dat de besluitvorming onduidelijk was, omdat het College alleen de overwegingen van het advies overnam en niet de conclusie, waardoor de bijstand volgens haar nooit was ingetrokken.
De Raad oordeelde dat het besluit van 22 februari 2006 voldeed aan de motiveringsvereisten door verwijzing naar het advies, waarvan kennis was gegeven. De besluitvorming was duidelijk en verspreid over meerdere besluiten, maar elk besluit behandelde een apart onderwerp met juiste informatie over rechtsmiddelen.
De Raad bevestigde dat het hoger beroep niet binnen de termijn was ingesteld en dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid door termijnoverschrijding die niet verschoonbaar is.