ECLI:NL:CRVB:2008:BD9266
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WAO-uitkeringsbesluiten ondanks betwisting arbeidsbeperkingen
Appellant, voormalig magazijnmedewerker, meldde zich ziek na een auto-ongeval met diverse klachten. Het UWV kende hem per 14 januari 2004 een WAO-uitkering toe in de arbeidsongeschiktheidsklasse 25-35%. Later werd deze uitkering per 30 juni 2005 herzien naar 15-25% vanwege afgenomen arbeidsongeschiktheid.
Appellant betwistte de beoordeling van zijn beperkingen, met name zijn psychische klachten, en stelde dat hij niet in staat was de hem voorgehouden functies te vervullen. Hij verwees naar medische rapporten, waaronder van zijn psycholoog en een psychiatrisch onderzoek, hoewel het laatste niet volledig werd overgelegd.
De Raad verwierp het verzoek om het onderzoek te schorsen of te heropenen voor aanvullende rapporten. Uit de medische en arbeidskundige gegevens, waaronder onderzoeken door verzekeringsartsen, bleek geen onderschatting van de beperkingen. De Raad oordeelde dat appellant met de vastgestelde beperkingen de functies kon vervullen.
Daarom bevestigde de Raad de eerdere uitspraken van de rechtbank Rotterdam die de beroepen van appellant ongegrond verklaarden. Er was geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraken en verklaart de beroepen van appellant ongegrond.