ECLI:NL:CRVB:2008:BD9672
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant is in oktober 2003 wegens knie- en rugklachten arbeidsongeschikt geraakt en vroeg een WAO-uitkering aan. Het UWV weigerde deze uitkering omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% zou zijn. De rechtbank bevestigde dit besluit, maar appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad onderzocht de medische gegevens en constateerde dat de knieproblemen grotendeels waren verholpen en dat er geen hernia of andere significante rugafwijkingen meer waren vast te stellen. Appellant kon zijn klachten niet met concrete medische gegevens onderbouwen. Ook de arbeidskundige schatting van passende functies was deugdelijk en hield voldoende rekening met de beperkingen van appellant.
De Raad oordeelde dat appellant voldoende kennis van de Nederlandse taal bezit en dat het gevraagde opleidingsniveau passend is. Gezien deze bevindingen werd het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende motivering en strijd met de Awb, maar de rechtsgevolgen van het besluit bleven in stand. Het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het beroep gegrond verklaard, met in stand laten van de rechtsgevolgen.