ECLI:NL:CRVB:2008:BF1213
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C.M. van Laar
- P.J. Jansen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling
Betrokkene, werkzaam als groepsleidster, meldde zich ziek met nek- en schouderklachten na een auto-ongeluk en kreeg een WAO-uitkering toegekend. Na een herbeoordeling in 2005 concludeerde een arts dat betrokkene beperkt was, maar geen urenbeperking nodig had. Op basis van deze functionele mogelijkheden werd de WAO-uitkering ingetrokken.
Betrokkene maakte bezwaar tegen deze intrekking, waarbij de bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige het oorspronkelijke oordeel onderschreven. De rechtbank vernietigde het besluit vanwege onvoldoende arbeidskundige motivering, maar bevestigde de medische onderbouwing.
In hoger beroep voerde betrokkene aan dat haar beperkingen waren onderschat en bracht een nieuw neuropsychologisch rapport in. De Raad oordeelde dat dit rapport geen betrekking had op de situatie op het moment van het besluit en daarom niet relevant was. De Raad bevestigde dat de medische en arbeidskundige onderbouwing toereikend was en liet de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand.
De Centrale Raad van Beroep wees het hoger beroep af en bevestigde het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering, waarbij geen aanleiding werd gezien voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering en laat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand.