ECLI:NL:CRVB:2008:BG1615
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R. Kooper
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens verzwegen inkomsten en schending inlichtingenplicht
Appellant ontving sinds 2000 een bijstandsuitkering en werd in 2005 tijdens een huisbezoek geconfronteerd met een verklaring waarin hij toegaf bedrijfsinbraken te plegen en inkomsten te verzwijgen. Het College trok daarop de bijstand per 1 september 2005 in en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij financieel volledig afhankelijk was van de bijstand en dat zijn verklaring tijdens het huisbezoek een verzonnen verhaal was dat ten onrechte serieus werd genomen. De Raad overwoog dat de verklaring rechtsgeldig was afgelegd, ondertekend zonder druk, en in overeenstemming met de criminele levensloop van appellant. De Raad vond dat het College terecht aan de verklaring vasthield en dat appellant zijn inlichtingenplicht had geschonden.
De Raad oordeelde dat het College niet verplicht was een hoorzitting te houden of nader onderzoek te verrichten, omdat de bezwaargrond geen stand hield. Het College handelde volgens het beleid en de wet, en het hoger beroep werd verworpen. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wegens verzwegen inkomsten en schending van de inlichtingenplicht wordt bevestigd.