ECLI:NL:CRVB:2008:BG1898
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R. Kooper
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Herziening besluit intrekking bijstand na brand woning en verblijf in buitenland
Betrokkenen ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en verbleven vanaf augustus 2005 op een camping in België nadat hun woning in Maastricht door brand ongeschikt werd voor bewoning. De gemeente Maastricht trok de bijstand per 1 juli 2005 in wegens het niet verstrekken van gevraagde informatie en het langer dan vier weken verblijf in het buitenland.
Na bezwaar verklaarde de gemeente het besluit deels gegrond en handhaafde de intrekking voor de periode na 28 augustus 2005. Betrokkenen voerden aan dat er zeer dringende redenen waren om bijstand te verlenen, vanwege de brand en de onmogelijkheid om elders onderdak te vinden. De rechtbank vernietigde het besluit en oordeelde dat betrokkenen met het gewijzigde standpunt waren overvallen.
De Raad oordeelt dat betrokkenen niet zijn overvallen omdat zij tijdens de bezwaarprocedure adequaat zijn geïnformeerd. Wel is het besluit in strijd met het motiveringsbeginsel omdat onvoldoende is onderzocht of zeer dringende redenen bestonden voor het verlenen van bijstand na 28 augustus 2005. De Raad vernietigt het besluit en beveelt een nieuwe beslissing op bezwaar, met inachtneming van de criteria voor zeer dringende redenen. Tevens veroordeelt de Raad de gemeente in de proceskosten van € 322.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van bijstand wordt vernietigd en appellant dient opnieuw te beslissen met inachtneming van zeer dringende redenen.