ECLI:NL:CRVB:2008:BG2093
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante verzocht om een WAO-uitkering, die door het UWV werd geweigerd omdat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt zou zijn per 15 januari 2001. Na bezwaar en eerdere procedures werd het bezwaar opnieuw ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellante ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
In hoger beroep stelde appellante dat het UWV onzorgvuldig medisch onderzoek had verricht en dat haar beperkingen ernstiger waren dan vastgesteld. Het UWV betoogde dat de medische grondslag niet meer ter discussie stond vanwege eerdere uitspraken, maar de Raad oordeelde dat deze gronden niet waren prijsgegeven en dat de medische beoordeling opnieuw moest worden getoetst.
De Raad concludeerde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de conclusies van de bezwaarverzekeringsarts juist waren. Ook waren de geselecteerde functies passend voor appellante. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WAO-uitkering bevestigd.