ECLI:NL:CRVB:2008:BG3560
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting AOW-pensioen wegens niet-verzekerde periode na verhuizing naar Duitsland
Appellant kreeg vanaf december 2005 een AOW-pensioen toegekend van 54% van het volledige bedrag, omdat hij van 2 januari 1985 tot 3 december 2005 niet verzekerd was voor de AOW. Appellant verhuisde op medisch-psychiatrische gronden naar Duitsland en behield daar zijn WAO-uitkering. Hij voerde aan dat hij niet geïnformeerd was over het einde van zijn AOW-verzekering en dat het Uwv als procespartij moest worden betrokken.
De Raad oordeelde dat het Uwv niet als partij kon worden aangemerkt en dat de wijziging van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen (KB 557) geen rechtsonzekerheid veroorzaakte. Uit brieven en procedures bleek dat appellant wel degelijk op de hoogte was van het stoppen van premies en verzekeringen.
De Raad verwierp het beroep op onbillijkheid van overwegende aard en concludeerde dat appellant zijn belangen kon behartigen ondanks zijn medische toestand. De rechtbankuitspraken werden bevestigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de korting van 54% op het AOW-pensioen vanwege een niet-verzekerde periode na verhuizing naar Duitsland.