ECLI:NL:CRVB:2008:BG3716
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging terugvordering onverschuldigde WAO-uitkering
Appellante kreeg bericht van het UWV dat zij onverschuldigd WAO-uitkeringen had ontvangen over de periode 1999 tot 2003, en dat een bedrag van €30.411,13 werd teruggevorderd. Het UWV paste dit bedrag aan via brutering en beperkte de terugvordering tot €25.420,74 vanwege bevoegdheidsbeperkingen.
De rechtbank vernietigde het besluit van het UWV, maar liet de rechtsgevolgen daarvan met toepassing van artikel 8:72 lid 3 Awb Pro in stand. Appellante ging in hoger beroep tegen dit deel van de uitspraak, zonder nieuwe gronden aan te voeren.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank de grieven van appellante voldoende heeft gemotiveerd en bevestigt het vonnis. De Raad wijst erop dat het hoger beroep niet slaagt en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.