ECLI:NL:CRVB:2008:BG3724
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering ondanks betwisting beperkingen in functionele mogelijkhedenlijst
Appellant ging in hoger beroep tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering, gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 80-100%, met ingang van 17 mei 2005 in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.
De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen van appellant adequaat waren verwerkt in de functionele mogelijkhedenlijst (FML). Appellant voerde aan dat zijn beperkingen, met name van zijn rechterhand, werden onderschat, mede op basis van een medisch rapport van een plastisch chirurg.
De Raad oordeelde dat het rapport van de plastisch chirurg niet relevant was voor de WAO-beoordeling en dat het medisch onderzoek door de verzekeringsartsen volledig en juist was. Tevens werd bevestigd dat de geselecteerde functies passend waren binnen de beperkingen van appellant.
Daarom faalt het hoger beroep en wordt de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat de beperkingen van appellant voldoende zijn meegewogen en de geselecteerde functies passend zijn.