ECLI:NL:CRVB:2008:BG4384
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terug te komen op besluit loonbetalingsverplichting WW
Appellante verzocht het UWV om overneming van de loonbetalingsverplichting op grond van de Werkloosheidswet, welke aanvraag op 27 februari 2006 werd afgewezen omdat zij berust zou hebben in haar ontslag op staande voet. Dit besluit en daaropvolgende bezwaar- en beroepsprocedures werden door het UWV en de rechtbank bevestigd.
Appellante stelde in hoger beroep dat zij de nietigheid van het ontslag had ingeroepen en dat een concept-dagvaarding was opgesteld, maar dat de procedure pas kon worden voortgezet na het verkrijgen van een toevoeging van de Raad voor Rechtsbijstand. De Raad oordeelde echter dat deze informatie reeds bekend was tijdens de eerdere procedures en derhalve geen nieuwe feiten of omstandigheden vormde in de zin van artikel 4:6 Awb Pro.
Verder overwoog de Raad dat de vermeende onjuistheid van het oorspronkelijke besluit geen rol speelt bij de toetsing van de terugkomprocedure. Er waren ook geen gronden aanwezig voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd daarom bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van het UWV om terug te komen op het besluit wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.