ECLI:NL:CRVB:2008:BG4538
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- M.C. Bruning
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding wettelijke rente over nabetaalde suppletie-uitkering
Appellant, voormalig beroepsmilitair, ontving vanaf april 2000 een suppletie-uitkering na arbeidsongeschiktheid. Vanaf mei 2003 werd deze uitkering niet meer uitbetaald omdat suppletie-maandformulieren onbestelbaar retour kwamen, wat aan appellant werd toegerekend. Pas in februari 2005 nam appellant contact op met het UWV, waarna de gereserveerde uitkering werd nabetaald.
De staatssecretaris weigerde vergoeding van wettelijke rente over deze nabetaalde bedragen, stellende dat er geen sprake was van verzuim. De rechtbank oordeelde eveneens dat geen verzuim bestond. In hoger beroep bevestigde de Raad dit oordeel, stellende dat de nabetaling binnen een redelijke termijn na het verzoek plaatsvond en dat de vertraging het gevolg was van omstandigheden voor rekening van appellant.
Het verzoek om vergoeding van proceskosten werd eveneens afgewezen. De Raad concludeerde dat appellant onvoldoende had aangetoond eerder om hervatting van de uitkering te hebben verzocht. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de staatssecretaris niet in verzuim was en wijst het verzoek om wettelijke rente af.