ECLI:NL:CRVB:2008:BG5243
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ingangsdatum en grondslag WUBO-uitkering met motiveringsgebrek
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad (verweerster) over de ingangsdatum en de hoogte van zijn WUBO-uitkering. De Raad oordeelt dat de ingangsdatum van de uitkering terecht is vastgesteld op de eerste dag van de maand waarin de aanvraag werd ingediend, waarbij de discretionaire bevoegdheid van verweerster om hiervan af te wijken marginaal wordt getoetst en geaccepteerd.
Ten aanzien van de grondslag van de uitkering blijkt uit nader onderzoek dat de vastgestelde hoogte niet juist is. Verweerster heeft bepaalde toeslagen en vergoedingen al dan niet terecht wel of niet betrokken bij de berekening, maar heeft nagelaten vakantietoeslag over de toeslagen mee te rekenen en heeft het recht op vrij reizen onvoldoende gemotiveerd buiten beschouwing gelaten. Hierdoor ontbreekt een deugdelijke motivering.
De Raad vernietigt het deel van het besluit dat de grondslag betreft en beveelt verweerster een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens veroordeelt de Raad verweerster in de proceskosten en bepaalt vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit over de grondslag van de WUBO-uitkering wordt vernietigd wegens motiveringsgebrek, de ingangsdatum blijft ongewijzigd, en verweerster wordt veroordeeld in de proceskosten.