ECLI:NL:CRVB:2008:BG5530
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandelingstelling aanvraag bijstand wegens niet verstrekken gevraagde gegevens
Appellant diende op 7 februari 2006 een aanvraag om bijstand in bij het College van burgemeester en wethouders van Haarlem. Het College verzocht appellant om bankafschriften over de periode van 1 november 2005 tot en met 31 januari 2006 te overleggen. Appellant voldeed niet aan dit verzoek binnen de gestelde termijn, waarop het College op 21 maart 2006 besloot de aanvraag buiten behandeling te stellen op grond van artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het College ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat hij niet in staat was de bankafschriften tijdig te overleggen omdat zijn bank deze niet verstuurde zolang het saldo negatief was. De Raad oordeelde echter dat appellant redelijkerwijs over de gevraagde gegevens had kunnen beschikken, mede omdat hij na afloop van de hersteltermijn tegen betaling alsnog de afschriften ontving terwijl het saldo nog negatief was.
De Raad vond dat het College bevoegd was het verzoek buiten behandeling te stellen en dat appellant geen verwijt kon worden gemaakt. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt buiten behandeling gesteld wegens het niet tijdig verstrekken van gevraagde bankgegevens.