ECLI:NL:CRVB:2008:BG5763
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering ondanks taalbarrière bij medisch onderzoek
Appellant, voormalig leerling-drukker, meldde zich arbeidsongeschikt per 1 augustus 2000 na een verkeersongeval. Vanaf 31 juli 2001 ontving hij een WAO-uitkering. Het UWV trok deze uitkering per 12 maart 2005 in, omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% werd geacht. Appellant maakte bezwaar, dat werd afgewezen door het UWV en de rechtbank.
Appellant voerde aan dat het medisch onderzoek niet zorgvuldig was vanwege zijn beperkte beheersing van de Duitse taal, aangezien het onderzoek in Duitsland plaatsvond. Hij benadrukte ook dat hij onder behandeling was van diverse specialisten. De Raad stelde vast dat het Duitse medisch onderzoek, ondanks de taalbarrière, een goed beeld gaf van zijn gezondheidstoestand. Diverse medische rapporten en onderzoeken, waaronder die van een bezwaarverzekeringsarts, ondersteunden dit oordeel.
De Raad concludeerde dat er voldoende en zorgvuldige informatie was om de intrekking van de uitkering te rechtvaardigen. Er waren geen nieuwe medische stukken die een ander licht op de gezondheidstoestand konden werpen. Daarom bevestigde de Raad de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat het medisch onderzoek ondanks taalbarrière zorgvuldig was.