ECLI:NL:CRVB:2008:BG6715
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens passende functies ondanks longklachten
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van het UWV om hem een WAO-uitkering toe te kennen per 22 augustus 2004 wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%.
De rechtbank ’s-Gravenhage vernietigde het eerste besluit van het UWV wegens gebrekkige motivering, waarna het UWV een nieuw besluit nam waarin het bezwaar opnieuw ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit nieuwe besluit ongegrond.
In hoger beroep voert appellant aan dat hij de aan de schatting ten grondslag gelegde functies niet kan vervullen vanwege longklachten. De Raad stelt vast dat de medische beoordeling door de rechtbank zonder voorbehoud is bevestigd en dat alleen de arbeidskundige component nog ter beoordeling staat.
De bezwaararbeidsdeskundige heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de functies passend zijn, waarbij de belastbaarheid van appellant is afgezet tegen de belasting van de functies. De Raad bevestigt daarom de aangevallen uitspraak en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WAO-uitkering bevestigd.