ECLI:NL:CRVB:2008:BG7998
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- J.Th. Wolleswinkel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag en aanstelling met terugkeergarantie na buitengewoon verlof en pensioenpremiegeschil
Appellant was vanaf 1 juni 1999 tijdelijk en vanaf 1 april 2001 in vaste dienst als keuringsdierenarts bij het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Vanwege zijn overgang naar de advocatuur kreeg hij buitengewoon verlof zonder behoud van bezoldiging van 1 mei 2004 tot 1 mei 2005, onder de voorwaarde dat hij pensioenpremies zou betalen. Toen appellant niet aan deze betalingsverplichting voldeed, werd het verlof ingetrokken en is hem ontslag verleend per 1 mei 2004 met een terugkeergarantie tot 1 mei 2005.
Appellant wilde aanspraak maken op een stimuleringspremie die hij niet toegekend kreeg en stelde dat hij het ontslag onder druk had geaccepteerd. De Raad oordeelde dat dit niet strookt met eerdere verklaringen van appellant, die tevreden was met de gemaakte afspraken. De intrekking van het buitengewoon verlof is rechtens onaantastbaar en maakt geen onderdeel uit van het ontslagbesluit.
Verder betwistte appellant de inhoud en standplaats van zijn aanstelling per 1 mei 2005, maar de Raad stelde vast dat de terugkeergarantie ziet op werkzaamheden als keuringsdierenarts zonder specifieke invulling van standplaats of taak. De minister mocht appellant plaatsen waar de grootste behoefte was, wat in dit geval Oost-Twente was. De rechtbank heeft de bezwaren van appellant tegen ontslag en aanstelling terecht ongegrond verklaard en de Raad bevestigt deze uitspraak. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het ontslag en de aanstelling met terugkeergarantie worden bevestigd.