ECLI:NL:CRVB:2008:BG8237
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering ANW-uitkering ondanks psychosociale stressfactoren
Appellant ontving sinds september 1997 een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW). De Sociale verzekeringsbank (Svb) trok de uitkering met terugwerkende kracht in vanaf augustus 2001 wegens het voeren van een gezamenlijke huishouding. Vervolgens werd een bedrag van €44.193,80 teruggevorderd over de periode september 2001 tot april 2005.
Appellant voerde bezwaar aan tegen de terugvordering en stelde dat het aanwenden van zijn vermogen, waaronder de verkoop van zijn woning en auto, tot onaanvaardbare sociale gevolgen zou leiden. Een psychiatrisch rapport stelde dat appellant ernstige psychosociale stress ervaart en dat de verkoop van zijn bezittingen zijn situatie zou verergeren.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad bevestigt dit oordeel. De Raad oordeelt dat hoewel psychosociale stressfactoren aanwezig zijn, deze niet leiden tot onaanvaardbare sociale gevolgen die een dringende reden vormen om van terugvordering af te zien. De Svb mag terecht het vermogen van appellant aanwenden voor de terugbetaling. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt verworpen en terugvordering van de ANW-uitkering blijft onverminderd van kracht.