ECLI:NL:CRVB:2008:BG8373
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Brand
- T.J. van der Torn
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na medische beoordeling en geschiktheid functies
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering per 2 januari 2006 te herzien naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35%. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat het besluit op een juiste medische grondslag berust en de geschiktheid voor de geselecteerde functies voldoende is toegelicht.
In hoger beroep klaagde appellant over de zorgvuldigheid van het medische onderzoek, stellende dat het gesprek met de verzekeringsarts slechts tien minuten duurde en gebaseerd was op verouderde gegevens. Hij overhandigde medische brieven ter onderbouwing van toegenomen fysieke beperkingen. Het UWV reageerde met een rapportage van de bezwaarverzekeringsarts die stelde dat deze nieuwe informatie geen nieuw licht werpt op de beperkingen per de datum in geschil.
De Raad oordeelde dat er geen reden is om te twijfelen aan de medische beperkingen zoals vastgesteld door het UWV en sloot zich aan bij de rechtbank. De medische stukken van appellant betroffen niet de relevante datum en konden de vaststelling niet wijzigen. De Raad bevestigde dat appellant geschikt is voor de geselecteerde functies en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.