ECLI:NL:CRVB:2008:BG8940
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens overschrijding vermogensgrens door auto op naam appellant
Appellant ontving bijstand sinds 1994 en werd geconfronteerd met een terugvordering van €4.287,50 wegens overschrijding van de vermogensgrens door een Mercedes Benz die op zijn naam stond geregistreerd van 29 september 2003 tot 13 januari 2004.
De rechtbank vernietigde het eerdere besluit en bepaalde dat het College een nieuw besluit moest nemen met een lagere waarde van de auto (€11.150 in plaats van €12.350). Appellant betwistte primair het eigenaarschap van de auto en subsidiair de waarde ervan.
De Raad oordeelde dat het kenteken op naam van appellant de veronderstelling rechtvaardigt dat de auto tot zijn vermogen behoort, tenzij hij het tegendeel bewijst. Appellant slaagde hier niet in omdat hij geen controleerbare koopovereenkomst of bewijs van betaling overlegde en de verklaringen onvoldoende waren. Bovendien betaalde appellant de wegenbelasting en verzekering.
De Raad achtte de waardering van het College op basis van de Eurotax-lijst redelijk en bevestigde dat het College bevoegd was de bijstand terug te vorderen. Het beroep werd ongegrond verklaard en de terugvordering bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van bijstand bevestigd.