ECLI:NL:CRVB:2008:BG9256
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- A.B.J. van der Ham
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende onderzoek woon- en leefsituatie
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB, welke werd opgeschort en later ingetrokken vanwege het niet reageren op uitnodigingen voor gesprekken. Vervolgens diende appellant een nieuwe aanvraag in die door het College werd afgewezen omdat twijfel bestond over zijn woonadres.
Een onaangekondigd huisbezoek vond plaats zonder dat appellant aanwezig was, waarbij een rapport werd opgesteld dat twijfels opriep over de juistheid van de verstrekte informatie. Appellant betwistte het rapport en stelde dat persoonlijke bezittingen niet waren vermeld.
De Raad oordeelde dat het College onvoldoende onderzoek heeft gedaan en onvoldoende zorgvuldigheid en motivering in acht heeft genomen bij de afwijzing van de aanvraag. Daarom vernietigde de Raad het besluit en bepaalde dat het College een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Daarnaast werd het College veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant. De intrekking van de eerdere bijstand werd door de Raad echter bevestigd omdat appellant niet had gereageerd op oproepen, wat hem te verwijten viel.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt vernietigd en het College moet een nieuw besluit nemen; de intrekking van eerdere bijstand wordt bevestigd.