ECLI:NL:CRVB:2008:BG9478

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
24 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07-5243 WAO
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Ch. van Voorst
  • E.M. de Bree
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:88 AwbArt. 8:75 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek om herziening WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten

Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak inzake zijn WAO-uitkering, stellende dat er sprake zou zijn van evidente onjuistheid, foutieve uitleg van jurisprudentie en nieuwe feiten en omstandigheden.

De Raad heeft het verzoekschrift en de aanvullende stukken, waaronder een rapport van Instituut Psychosofia, beoordeeld. Volgens artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan herziening alleen plaatsvinden indien sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden die bij de eerdere uitspraak niet bekend waren.

De Raad concludeert dat noch in het aanvankelijke verzoekschrift, noch in de aanvullende stukken enig nieuw feit of nieuwe omstandigheid aanwezig is die herziening rechtvaardigt. Ook ziet de Raad geen grond voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.

Daarom wijst de Centrale Raad het verzoek om herziening af en bevestigt daarmee de eerdere beslissing van 31 augustus 2007.

Uitkomst: Het verzoek om herziening van de WAO-uitkering wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.

Uitspraak

07/5243 WAO
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:88 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet op het verzoek om herziening van:
[Verzoeker] wonende te [woonplaats] (hierna: verzoeker),
van de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 31 augustus 2007
(05/5023 WAO),
in het geding in hoger beroep tussen:
verzoeker
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
(hierna: Uwv).
Datum uitspraak: 24 december 2008
I. PROCESVERLOOP
Namens verzoeker heeft mr. W.C. de Jonge, advocaat te Vlaardingen, verzocht om herziening van de uitspraak van de Raad van 31 augustus 2007 (05/5023 WAO).
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 12 november 2008. Verzoeker is bijgestaan door mr. De Jonge. Het Uwv heeft zich, met voorafgaand bericht, niet laten vertegenwoordigen.
II. OVERWEGINGEN
1. Verzoeker heeft verzocht om “herziening op grond van evidente onjuistheid, foutieve uitleg van de jurisprudentie en op grond van nieuwe feiten en omstandigheden”. Verzoeker is van mening dat zijn aanspraken bij de bestreden uitspraak niet naar behoren zijn erkend. De gronden van het verzoek zijn uiteengezet in het aanvullende verzoekschrift van 9 november 2007 en het daarbij overgelegde stuk van Instituut Psychosofia van 9 oktober 2007. Bij brief van 12 november 2007 heeft verzoeker de bijlagen behorende bij het aanvullend verzoekschrift van 9 november 2007 overgelegd.
2.1. De Raad overweegt dat de door de gemachtigde van verzoeker gewenste hernieuwde discussie over de betrokken zaak en de juistheid van de bestreden uitspraak niet kan worden gevoerd, tenzij sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 8:88, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2.2. De Raad acht echter noch in het aanvullend verzoekschrift, noch in de later toegezonden bijlagen, noch in het stuk van Instituut Psychosofia van 9 oktober 2007 enig nieuw feit of enige nieuwe omstandigheid als bedoeld in artikel 8:88 van Pro de Awb gelegen. Daarom dient het verzoek om herziening te worden afgewezen.
3. De Raad acht geen termen aanwezig om toepassing te geven aan artikel 8:75 van Pro de Awb.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Wijst het verzoek om herziening af.
Deze uitspraak is gedaan door Ch. van Voorst als voorzitter en
M.S.E. Wulffraat-van Dijk en C.P.J. Goorden als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van E.M. de Bree als griffier, uitgesproken in het openbaar op
24 december 2008.
(get.) Ch. van Voorst.
(get.) E.M. de Bree.
JL