ECLI:NL:CRVB:2008:BG9815
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- J. Riphagen
- H. Bedee
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende motivering omzetting FIS naar FML
Betrokkene ontving een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Appellant trok deze uitkering per 17 mei 2005 in, stellende dat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedroeg, gebaseerd op medische en arbeidskundige rapporten. Betrokkene maakte bezwaar en stelde dat haar beperkingen werden onderschat en dat het onderzoek onzorgvuldig was. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, omdat niet inzichtelijk was gemaakt hoe de omzetting van het belastbaarheidspatroon van het oude Functie informatiesysteem (FIS) naar de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) had plaatsgevonden.
In hoger beroep stelde appellant dat geen omzetting had plaatsgevonden, maar dat de verzekeringsarts een nieuwe beoordeling had gemaakt. De Raad oordeelde dat er geen bijzondere motiveringsplicht voor een omzetting bestond en dat de rechtbank op een ondeugdelijke grondslag had geoordeeld. De Raad bekeek ook de medische en arbeidskundige onderbouwing en vond dat de beperkingen niet waren onderschat en dat de toelichting op de arbeidskundige geschiktheid uiteindelijk afdoende was gegeven, zij het pas in hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep vernietigde daarom het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer op 31 december 2008.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.