ECLI:NL:CRVB:2008:BH1043
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek vrijwillige AOW-verzekering wegens te late aanmelding
Appellant verzocht de Sociale verzekeringsbank (Svb) om de in de jaren 1970 tot 1977 betaalde premies om te zetten in premies op basis van een vrijwillige AOW-verzekering. De Svb wees dit verzoek af omdat appellant zich niet binnen de vereiste termijn van één jaar na het einde van de verplichte verzekering had aangemeld en niet voldeed aan de criteria voor vrijwillige verzekering.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het besluit van 4 augustus 2006, waarin het bezwaar tegen het pensioenbesluit werd afgewezen, rechtens onaantastbaar was. Tevens werd het bezwaar tegen de afwijzing van deelname aan de vrijwillige verzekering niet-ontvankelijk verklaard vanwege de late indiening.
In hoger beroep stelde appellant dat het proces-verbaal van de rechtbank onvolledig was en dat hij wel degelijk de intentie had om beroep aan te tekenen. De Raad liet dit in het midden maar oordeelde dat appellant geen tijdig beroep had ingesteld, waardoor het besluit vaststaat. De Raad onderschreef de overwegingen van de rechtbank en bevestigde het bestreden vonnis.
De Raad overwoog dat geen uitzonderingen van toepassing zijn en dat appellant geen bewijs heeft geleverd van betaalde AOW-premies gedurende de periode in kwestie. Het beroep wordt daarom afgewezen en het besluit van de Svb blijft ongewijzigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot korting op het AOW-pensioen blijft gehandhaafd.