ECLI:NL:CRVB:2009:BH0193

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
6 januari 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08-3316 WAZ-V
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 21 Beroepswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet gegrond verklaard tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep UWV

Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Roermond, maar dit hoger beroep werd door de Raad niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening. Appellant maakte hiertegen verzet. Tijdens de zitting op 25 november 2008 was appellant aanwezig, het UWV niet.

De Raad overweegt dat het verzet gegrond is omdat het hoger beroep niet kennelijk niet-ontvankelijk is en dat de ontvankelijkheid van het hoger beroep en het bezwaar beter in de gewone procedure beoordeeld kan worden. Hierdoor vervalt de eerdere uitspraak en wordt het onderzoek voortgezet in de stand waarin het zich bevond.

De pleitnota van appellant wordt aan het UWV toegezonden, dat de gelegenheid krijgt een verweerschrift in te dienen. Er wordt geen veroordeling in de kosten van het verzet uitgesproken vanwege de bewuste handelwijze van appellant.

Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard, de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep vervalt en het onderzoek wordt voortgezet.

Uitspraak

08/3316 WAZ-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
[Appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Roermond van 23 april 2008, 07/1786 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: Uwv)
Datum uitspraak: 6 januari 2009
I. PROCESVERLOOP
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet van 22 augustus 2008 heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van de Raad van 22 augustus 2008 heeft appellant verzet gedaan.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 25 november 2008. Appellant is verschenen. Het Uwv is, met voorafgaand bericht, niet verschenen.
II. OVERWEGINGEN
De uitspraak van de Raad van 22 augustus 2008 berust op de overwegingen dat het hoger-beroepschrift niet tijdig is ingediend, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellant niet in verzuim is geweest.
In de - principiële - aard van hetgeen in verzet naar voren is gebracht ziet de Raad aanleiding om het hoger beroep niet kennelijk niet-ontvankelijk te achten. De Raad acht het aangewezen dat over de ontvankelijkheid van het hoger beroep (en daarmee - in dit geval - ook over de ontvankelijkheid van het bezwaar) wordt geoordeeld in het kader van de “gewone” procedure.
In die omstandigheden dient het verzet gegrond te worden verklaard.
Dit betekent dat de uitspraak van de Raad van 22 augustus 2008 vervalt en dat het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. De pleitnota die appellant ter zitting van 25 november 2008 heeft voorgedragen zal aan het Uwv worden doorgezonden en het Uwv zal in de gelegenheid worden gesteld een verweerschrift in te dienen.
Voor een veroordeling in de kosten van het verzet bestaat, gelet op de handelwijze waarvoor appellant welbewust heeft gekozen, geen grond.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Verklaart het verzet gegrond.
Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons. De beslissing is, in tegenwoordigheid van B.C. Rog als griffier, uitgesproken in het openbaar op 6 januari 2009.
(get.) T.G.M. Simons.
(get.) B.C. Rog.
TM