ECLI:NL:CRVB:2009:BH2092
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- J.J.A. Kooijman
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking en terugvordering bijstand wegens onvoldoende bewijs verzwegen werkzaamheden
Appellanten ontvingen bijstand van de gemeente Helmond, die deze bijstand over de periode 1 januari 2005 tot en met 28 februari 2006 introk en terugvorderde wegens vermeende verzwegen werkzaamheden op markten in België. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond. In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep vast dat het College onvoldoende bewijs had geleverd dat appellanten in 2005 werkzaamheden en inkomsten hadden verzwegen. De verklaring van een marktorganisator was niet ondertekend, niet ambtsedig opgemaakt en werd niet ondersteund door andere onderzoeksbevindingen. Hierdoor was het besluit tot intrekking en terugvordering over 2005 onrechtmatig.
Voor de periode van 1 januari tot en met 28 februari 2006 oordeelde de Raad dat appellanten wel werkzaamheden hadden verricht op de markt in Overpelt, wat voldoende rechtvaardiging bood voor intrekking en terugvordering. Appellant was bij waarnemingen verkopend aangetroffen en had zelf aanwezigheid op de markt bevestigd. Het College handelde binnen het beleid en de wettelijke kaders.
De Raad vernietigde het besluit van 22 februari 2007 voor zover het betrekking had op 2005 en verklaarde het beroep gegrond. Daarnaast wees de Raad het verzoek om schadevergoeding toe wegens niet tijdige uitbetaling van bijstand over 2005 en veroordeelde het College tot vergoeding van kosten van bezwaar, beroep en hoger beroep. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Van Sloten en leden Kooijman en Venema op 6 januari 2009.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand over 2005 wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs, terwijl de intrekking over begin 2006 wordt bevestigd.