ECLI:NL:CRVB:2009:BH4283
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- J.L.P.G. van Thiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing subcutane mastectomie wegens medische indicatie
Appellante verzocht CZ om toestemming voor een subcutane mastectomie en reconstructie vanwege ernstige mastopathie. CZ wees dit verzoek af, stellende dat er geen doelmatige behandeling was en dat medicamenteuze therapie volstond.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat mastopathie een goedaardige aandoening is en er geen verhoogd risico op borstkanker was. Appellante ging in hoger beroep en voerde aan dat zij een sterk verhoogd risico had vanwege familiaire belasting en moeilijkheden bij het opsporen van borstkanker.
De Raad vroeg advies aan een onafhankelijke deskundige die een sterk verhoogd risico (4-6 keer) op borstkanker vaststelde door dens klierweefsel en andere factoren. De deskundige achtte een medische indicatie aanwezig voor de behandeling. CZ's medisch adviseur betwistte dit, maar de deskundige weerlegde de bezwaren overtuigend.
De Raad oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld en vernietigde het besluit van CZ. CZ moet een nieuw besluit nemen rekening houdend met de uitspraak. Tevens veroordeelde de Raad CZ in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit van CZ tot afwijzing van de subcutane mastectomie wordt vernietigd en CZ wordt verplicht een nieuw besluit te nemen.