ECLI:NL:CRVB:2009:BH4678
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.I. ’t Hooft
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verhuiskostenvergoeding wegens niet voldoen nieuwe woning aan gestelde eisen
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen de weigering van het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam om een verhuiskostenvergoeding toe te kennen voor haar verhuizing van een oude naar een nieuwe woning. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond omdat de nieuwe woning niet voldeed aan de in het besluit van het College gestelde eisen, terwijl in de regio voldoende geschikte woningen beschikbaar waren.
Appellante had na ontvangst van het besluit van 1 september 2005 zonder overleg met het College het huurcontract voor de nieuwe woning getekend, waardoor zij bewust het risico nam geen vergoeding te ontvangen. In hoger beroep heeft de Raad de overwegingen van de rechtbank onderschreven en geen aanleiding gezien om het oordeel te wijzigen.
De Raad vond geen grond voor een veroordeling in de proceskosten en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De zaak betreft de toepassing van het bestuursrecht binnen het sociale zekerheidsrecht, waarbij de zorgvuldigheid en naleving van procedures centraal staan.
Uitkomst: De afwijzing van de verhuiskostenvergoeding wordt bevestigd omdat de nieuwe woning niet aan de eisen voldoet en het huurcontract zonder overleg is getekend.