ECLI:NL:CRVB:2009:BH4972
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van rechtbankuitspraak over WAO-schatting en arbeidsongeschiktheid
Appellant, een voormalig productiemedewerker, was arbeidsongeschikt verklaard wegens psychische klachten en ontving een WAO-uitkering. Het UWV herbeoordeelde zijn arbeidsongeschiktheid en stelde een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) op, waarop een nieuwe schatting van het verlies aan verdiencapaciteit werd gebaseerd. Het UWV trok de WAO-uitkering in, waarna appellant bezwaar maakte en beroep instelde.
De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond vanwege onvoldoende motivering van de arbeidskundige beoordeling, maar bevestigde de medische grondslag. Het UWV stelde daarop een nieuw besluit vast met een lagere mate van arbeidsongeschiktheid. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, waarbij zij uitging van de juistheid van de FML en de geschiktheid van de voorgehouden functies.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat er nieuwe medische gegevens waren omtrent zijn astmaklachten die niet in de eerdere procedure waren meegenomen en dat een van de functies ongeschikt was vanwege blootstelling aan stof. De Raad oordeelde dat de medische grondslag ongewijzigd blijft omdat de verzekeringsartsen op de hoogte waren van de astma en medicatie, en dat appellant de betreffende functies kan verrichten. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.