ECLI:NL:CRVB:2009:BH5184
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt uitspraak rechtbank inzake WAO-uitkering na onjuiste artsbeoordeling
De zaak betreft het hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen tegen een uitspraak van de rechtbank Roermond die het besluit tot herziening van een WAO-uitkering vernietigde. De rechtbank stelde dat het medische onderzoek niet door een geregistreerde verzekeringsarts was uitgevoerd, waardoor het besluit onzorgvuldig tot stand was gekomen.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat de rechtbank buiten de grenzen van het geding is getreden door dit punt ambtshalve te beoordelen, aangezien dit niet door betrokkene was aangevoerd en het geen punt van openbare orde betreft. De Raad verwijst naar eerdere uitspraken waarin is bepaald dat het ontbreken van een verzekeringsarts niet ambtshalve beoordeeld wordt.
De Raad beoordeelt vervolgens de overige beroepsgronden en stelt vast dat het rapport van de bezwaarverzekeringsarts, gebaseerd op dossierstudie en observatie, de beperkingen van betrokkene adequaat weergeeft. De stellingen van betrokkene over toegenomen beperkingen worden niet onderbouwd met objectiveerbare medische gegevens. Ook de arbeidskundige beoordeling dat betrokkene voldoet aan de opleidingseisen voor de geduide functies wordt onderschreven.
De Raad verklaart het beroep ongegrond en vernietigt de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het besluit tot herziening van de WAO-uitkering blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart het beroep ongegrond en vernietigt de uitspraak van de rechtbank, waarmee het besluit tot herziening van de WAO-uitkering in stand blijft.