ECLI:NL:CRVB:2009:BH6483
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens weigering algemeen geaccepteerde arbeid en recidive
Appellante ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en was verplicht om naar vermogen algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen en te aanvaarden. Zij werd medisch gekeurd en geschikt bevonden voor arbeid met enkele beperkingen. Het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam legde haar meerdere malen een verlaging van de bijstand op wegens het weigeren van aangeboden arbeid bij Roteb.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante gegrond en vernietigde het besluit tot verlaging, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigt in hoger beroep dat appellante zonder geldige reden een afspraak met Roteb afzegde, waardoor zij algemeen geaccepteerde arbeid heeft geweigerd. Dit handelen kwalificeert als een gedraging van de vijfde categorie volgens de Afstemmingsverordening, en gezien recidive is de maatregel verdubbeld.
De Raad overweegt dat de verlaging van 100% van de bijstand gedurende twee maanden en later vier maanden niet onredelijk is, ook niet gelet op de omstandigheden van appellante. Haar beroep op geschiktheid en haar achtergrond als beeldend kunstenaar leidt niet tot vrijstelling van de arbeidsverplichting. Het verzoek tot schadevergoeding wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verlaging van de bijstand wegens weigering van algemeen geaccepteerde arbeid en wijst het verzoek tot schadevergoeding af.