ECLI:NL:CRVB:2009:BH7779
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- J.P.M. Zeijen
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling
Appellante, voormalig caissière/verkoopster, ontving sinds 1994 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Na een herbeoordeling in 2005 door het UWV werd geconcludeerd dat haar beperkingen minder ernstig waren, waarna haar uitkering per 4 oktober 2005 werd ingetrokken. In bezwaar en beroep werd dit besluit gedeeltelijk aangepast, waarna de rechtbank het besluit vernietigde maar de rechtsgevolgen in stand liet.
In hoger beroep stelde appellante dat het medisch onderzoek onzorgvuldig en onvolledig was, en dat haar beperkingen ernstiger waren dan vastgesteld. De Raad oordeelde dat het medisch en arbeidskundig onderzoek, inclusief rapporten van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, zorgvuldig en volledig was uitgevoerd. Er was geen aanleiding voor benoeming van een onafhankelijke deskundige of voor het aannemen van ernstiger beperkingen.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er was geen objectief-medische onderbouwing voor een hogere mate van arbeidsongeschiktheid of een urenbeperking. De functies waarop de schatting was gebaseerd, werden als passend beschouwd. De Raad zag geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.