ECLI:NL:CRVB:2009:BH8077
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vergoeding medische kosten tijdens vakantie in Turkije op grond van Verdrag sociale zekerheid
Betrokkene kreeg tijdens een vakantie in Turkije in de zomer van 2003 psychische klachten en werd opgenomen in een privé-ziekenhuis. Na terugkeer in Nederland diende hij nota’s ter vergoeding in bij appellant, de Onderlinge waarborgmaatschappij Zilveren Kruis. Appellant weigerde aanvankelijk vergoeding, maar verklaarde bij bezwaar een deel van de kosten te vergoeden op grond van het Verdrag sociale zekerheid tussen Nederland en Turkije.
De rechtbank vernietigde dit besluit omdat onvoldoende inzicht bestond in de juistheid van de vergoedingen en de motivering ontbrak. In hoger beroep oordeelt de Raad dat appellant terecht heeft vertrouwd op de informatie van het Turkse orgaan SSK, dat op grond van Turkse wetgeving een deel van de nota’s vergoedde. De Raad stelt dat appellant het besluit voldoende heeft gemotiveerd.
Wel oordeelt de Raad dat appellant betrokkene niet de mogelijkheid heeft gegeven te reageren op de door het SSK verstrekte gegevens, zoals vereist is volgens artikel 7:9 Awb Pro. Dit leidt tot vernietiging van het deel van de uitspraak dat appellant een nieuwe beslissing op bezwaar moet nemen. De rechtsgevolgen van het bestreden besluit blijven echter in stand. De Raad veroordeelt appellant tot betaling van proceskosten aan betrokkene.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt deels bevestigd en deels vernietigd wegens schending van het hoor- en wederhoor-beginsel; appellant moet proceskosten betalen.