ECLI:NL:CRVB:2009:BI0058
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende medische grondslag
Appellante, laatstelijk werkzaam als bejaardenverzorgster, ontving sinds 1996 een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Het UWV trok deze uitkering per 23 juli 2006 in, omdat zij ondanks beperkingen geschikt werd geacht voor bepaalde functies met een verlies aan verdiencapaciteit van minder dan 15%.
De rechtbank vernietigde het besluit deels en bepaalde dat de intrekking per 13 augustus 2006 ingaat. Appellante ging in hoger beroep tegen deze intrekking en de afwijzing van haar verzoek om vergoeding van rapportkosten van het Instituut Psychosofia.
De Raad oordeelde dat appellante geen nieuwe medische gegevens had aangevoerd die het geschil in een ander licht stellen. De rapportages van het Instituut Psychosofia werden niet als voldoende bewijs erkend. De eerdere overwegingen van de rechtbank werden onderschreven en het hoger beroep werd afgewezen zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 13 augustus 2006 wordt bevestigd en het verzoek om vergoeding van rapportkosten wordt afgewezen.