ECLI:NL:CRVB:2009:BI1596
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldige herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellante, voormalig bollenpelster, ontving een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Na een herbeoordeling door verzekeringsartsen, een psychiater en een arbeidsdeskundige concludeerde het UWV dat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt was en trok de uitkering per 19 maart 2007 in.
Appellante voerde bezwaar aan met het standpunt dat haar beperkingen niet waren verminderd en dat de nieuwe functies niet tijdig waren aangezegd. De bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige bevestigden echter de eerdere bevindingen en het bezwaar werd deels gehonoreerd maar de uitkering alsnog ingetrokken.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit vanwege onvoldoende motivering van de functiegeschiktheid en onjuiste maatmanomvang, maar handhaafde de intrekking van de uitkering. Appellante ging in hoger beroep tegen deze intrekking.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het onderzoek naar de beperkingen zorgvuldig was uitgevoerd en dat appellante onvoldoende had onderbouwd dat haar beperkingen groter waren dan vastgesteld. De functiegeschiktheid was voldoende gemotiveerd en de aanzegging van de functies was tijdig. Daarom werd de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 19 maart 2007 wordt bevestigd.