ECLI:NL:CRVB:2009:BI1707
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- R. Kooper
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens tekortschietend besef verantwoordelijkheid en recidive
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Gravenhage verlaagde de bijstand aanvankelijk met 100% voor twee maanden wegens het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid. Later werd de bijstand ingetrokken, maar vervolgens opnieuw toegekend met een verlaging van 100% voor vier maanden vanwege tekortschietend besef van verantwoordelijkheid en recidive.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond. In hoger beroep betwistten appellanten deze beslissing en verzochten zij tevens om schadevergoeding. De Raad oordeelde dat appellanten terecht een maatregel van de vierde categorie opgelegd kregen, waarbij de duur van de maatregel verdubbeld werd vanwege herhaling binnen twaalf maanden.
De Raad verwierp het beroep van appellanten en bevestigde de verlaging van de bijstand. Ook wees de Raad het verzoek om schadevergoeding af. De Raad overwoog dat de maatregel geen straf in de zin van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten is en dat de gewijzigde Maatregelenverordening niet met terugwerkende kracht toegepast kan worden.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 100% gedurende vier maanden wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.