ECLI:NL:CRVB:2009:BI3029
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- G.J.H. Doornewaard
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering partnertoeslag studiefinanciering op grond van toetsingsinkomen partner
Betrokkene had studiefinanciering met partnertoeslag ontvangen op basis van een door haar en haar partner opgegeven inkomen. Appellante, de Informatie Beheer Groep, herzag de toekenning en vorderde terugbetaling omdat het toetsingsinkomen van de partner hoger bleek dan toegestaan. Betrokkene stelde dat zij was voorgelicht dat bij de toetsing het netto-inkomen, zijnde het bedrag dat op de bankrekening werd gestort, zou worden gehanteerd.
De rechtbank Utrecht oordeelde in het voordeel van betrokkene en vernietigde het besluit tot terugvordering, stellende dat appellante niet redelijkerwijs had kunnen herzien omdat betrokkene mocht vertrouwen op de uitleg van het begrip netto-inkomen. Appellante ging tegen dit oordeel in hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het toetsingsinkomen van de partner inderdaad hoger was dan de franchise en dat betrokkene geen recht had op de partnertoeslag. De Raad oordeelde dat het vertrouwen op de uitleg van netto-inkomen niet gerechtvaardigd was, mede omdat specifieke inhoudingen zoals 'Bijdrage privé auto' en 'Contributie Escape' niet buiten beschouwing konden blijven.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De kern van het geschil betrof de uitleg van het begrip toetsingsinkomen en de reikwijdte van de gegeven voorlichting door appellante.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het besluit tot herziening en terugvordering van de partnertoeslag blijft in stand.