ECLI:NL:CRVB:2009:BI3392
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAZ-uitkering na zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling
Appellante, voormalig zelfstandig meewerkend schipper, ontving sinds 1985 een WAZ-uitkering vanwege arbeidsongeschiktheid na een verkeersongeval. In 2006 onderzocht verzekeringsarts Panhuis haar medische beperkingen en stelde een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) op. Op basis hiervan concludeerde het UWV dat appellante geschikt was voor bepaalde functies en trok de uitkering per 28 augustus 2006 in.
De rechtbank Leeuwarden vernietigde dit besluit vanwege een aangepaste FML die beperkingen anders weergeeft, maar oordeelde dat de belastbaarheid juist was vastgesteld en de geduide functies passend waren. In hoger beroep voerde appellante aan dat zij meer beperkt was dan in de FML vermeld en dat het medische rapport van haar bedrijfsarts onvoldoende werd meegewogen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat bezwaarverzekeringsarts Zwemer de medische stukken voldoende heeft gemotiveerd beoordeeld en onderschrijft het oordeel dat de beperkingen juist zijn vastgesteld. De Raad acht de geduide functies passend bij het opleidingsniveau en belastbaarheid van appellante. Er is geen aanleiding tot het benoemen van een onafhankelijke deskundige. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de intrekking van de WAZ-uitkering wordt bevestigd.