ECLI:NL:CRVB:2009:BI3735
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten of omstandigheden
Appellante verzocht het UWV om terug te komen op een eerder genomen besluit tot weigering van een WAO-uitkering, naar aanleiding van een nieuwe diagnose. Het UWV en de bezwaarverzekeringsarts oordeelden dat de belastbaarheid van appellante niet onjuist was vastgesteld en dat de nieuwe diagnose geen aanleiding gaf tot herziening.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep onderschreef dit oordeel. De Raad stelde dat de nieuwe diagnose niet betekent dat de eerder aangenomen beperkingen onjuist zijn vastgesteld. Ook kon een brief van de huisarts, die niet bekend was bij het UWV ten tijde van het besluit, niet worden meegewogen.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en zag geen grond voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. Daarmee blijft de weigering van de WAO-uitkering in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.