ECLI:NL:CRVB:2009:BI4182
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- C. van Viegen
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep inzake bijzondere bijstand voor woonkosten wegens niet tijdig geldend maken aanspraak huursubsidie
Appellanten verzochten bijzondere bijstand voor woonkosten over de periode van 1 augustus 2003 tot 1 februari 2004. Het College van burgemeester en wethouders van Venlo wees dit af omdat appellanten hun aanspraken op huursubsidie niet tijdig hadden ingediend, wat volgens artikel 14 van Pro de Algemene bijstandswet een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan betekent.
Na bezwaar en een eerdere uitspraak van de Raad die dit standpunt bevestigde, dienden appellanten een herhaalde aanvraag in die eveneens werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellanten voerden in hoger beroep aan dat zij een nieuw feit hadden ingebracht, namelijk een telefoonnotitie van 28 juni 2004 die zij pas in mei 2007 ontvingen.
De Raad oordeelde dat hoewel deze notitie als nieuw feit kan worden aangemerkt, deze niet leidt tot herziening van het oorspronkelijke besluit omdat het geen ander licht werpt op het tekortschietend besef van verantwoordelijkheid. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van bijzondere bijstand bevestigd.