ECLI:NL:CRVB:2009:BI4211
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens overschrijding beroepstermijn in WWB-zaak
Appellante had bijstand ontvangen die door het College van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer met ingang van 9 februari 2007 was ingetrokken. Tegen dit besluit werd bezwaar gemaakt, dat door het College ongegrond werd verklaard. Appellante diende vervolgens een beroepschrift in, maar dit werd na afloop van de wettelijke termijn ontvangen.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn. Appellante stelde zich in hoger beroep op het standpunt dat haar beroepschrift toch tijdig was ingediend, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het beroepschrift niet tijdig ter post was bezorgd en dus niet tijdig was ingediend.
De Raad overwoog dat de wettelijke termijn zes weken bedraagt en dat een beroepschrift tijdig is indien het voor het einde van de termijn is ontvangen of, bij verzending per post, voor het einde van de termijn ter post is bezorgd en uiterlijk een week na afloop van de termijn is ontvangen. Nu appellante dit niet had aangetoond, was sprake van verzuim.
De Raad bevestigde daarom de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep en zag geen aanleiding voor een inhoudelijke beoordeling van het besluit van het College. Ook werden geen proceskosten aan appellante opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.